Henk Spreeuwenberg - Lopende man en Danseres

Door Sya van 't Vlie


In mijn doctoraalscriptie noemde ik architect/beeldhouwer Henk Spreeuwenberg (1947) een eigentijdse opvolger van de Nederlandse bouwbeeldhouwers aan het begin van de vorige eeuw.

Ik vond de bronzen vrouwentors in de hoek tussen twee ramen van zijn grachtenhuis in de Amsterdamse Jordaan een waardige opvolger van de Gijsbrecht van Amstel en Jan Pieterszoon Coen die Lambertus van Zijl hakte in de hoekgevels van de Beurs van Berlage. Maar Henk is het daarmee helemaal niet eens. Hij heeft zich nooit bezig gehouden met de zogenaamde bouwbeeldhouwkunst. ‘Mijn beelden zijn onafhankelijke scheppingen die niet dienend zijn aan de architectuur.’ Wel zegt hij in de catalogus van zijn expositie bij het Depot in Wageningen (2017) dat beide professies samenkomen in zijn woon-/werkhuis ‘waar op een zeer klein oppervlak een torenhuis is ontworpen met een versneden torso van brons als kariatide.’

Henk volgde zijn opleiding achtereenvolgens aan de HTS (weg- en waterbouwkunde) en de Academie voor Bouwkunst. Als beeldhouwer is hij autodidact. Architectuur en beeldhouwkunst hebben de derde dimensie gemeen. Voor beide is het nodig ruimtelijk te denken. Hoewel Henk zijn beelden laat gieten in brons, is hij een echte ‘houwer’. Hij werkt van buiten naar binnen, deductief, door bijvoorbeeld van een blok gasbeton materiaal weg te nemen, tot de door hem gewenste vorm is bereikt. Die wordt vervolgens perfect afgewerkt, in brons gegoten en glad gepolijst.

Henks keuze voor de mensfiguur komt voort uit de behoefte om naast de veelal abstracte architectuuropdrachten met een totaal ander uitgangspunt bezig te zijn. Aanvankelijk maakte hij uitsluitend vrij abstracte vrouwentorsen, waarbij hij alles vermijdt alles dat de aandacht kan afleiden van de menselijke gestalte. Zo zal de kijker tevergeefs zoeken naar het hoofd van deze vrouwfiguren. Want de expressie van het gelaat verwijst naar iets dat hij niet beoogt vast te leggen.

In de loop van de tijd zijn de vrouwfiguren steeds realistischer geworden, en sinds begin deze eeuw maakt Henk ook mannentorsen. Hoewel de Lopende man (2012) een stap maakt en de Danseres (2012) een danspas zijn ze nog bijna net zo statisch als zijn eerdere torsen met beide benen naast elkaar.

Meer over Henk Spreeuwenberg leest u op www.hjspreeuwenberg.nl/