Christian Boltanski

Door Sya van 't Vlie


NA - Christian Boltanski stelt ons vragen over de dood

In het programma van de Amsterdam Art Weekend was NA, de expositie van Christian Boltanski in de Amsterdamse Oude Kerk, opgenomen in de route van site-specific installaties. Terecht, want NA is eerder één grote ruimte vullende installatie dan een expositie. De Oude Kerk met z’n grafzerken past naadloos in de thematiek van Boltanski: vergankelijkheid, verdwijnen, en herinneren. Wat laat je na, als je er niet meer bent?

Bijzondere ontmoetingen

Ruimte vullend is letterlijk bedoeld. Bij binnenkomst overdondert Boltanski je met enorme glimmende zwarte blokken die je het zicht op de kerk benemen. Frustrerend en ook een beetje eng. Een gruwel voor bezoekers die menen dat de leegte van de Oude Kerk ongemoeid moet blijven. In een interview met Jacqueline Grandjean zegt Boltanski dat hij bij een eerder bezoek eind jaren ’80 al was getroffen door die leegte. Daarvoor heeft hij een oplossing willen vinden. Les Appareils variëren in hoogte van 1,5 tot 9 meter en staan opgesteld in de zijbeuken. Hun zwarte plastic huid maakt een licht golvende beweging, voortgebracht door onzichtbare ventilatoren. Samen vormen die blokken een soort doolhof van tombes waardoor bezoekers hun weg moeten zoeken langs een door Boltanski opgelegde route. Af en toe bots je bijna op andere bezoekers, even verdwaald als jij.

Maar soms stuit je op een mensfiguur van hout, gehuld in zwarte jas, en met een lamp als hoofd. Kunstcriticus Jhim Lamoree vergelijkt ze met de uitgemergelde lopende mannen van Alberto Giacometti. Terecht, want hun houding doet sterk denken aan die van Giacometti’s lopende mannen. Boltanski heeft zijn figuren Prendre la Parole (2005) genoemd. Als je ze nadert stellen ze je, in het Engels of Nederlands, een indringende vraag over hoe je je dood hebt ervaren: ‘Tell me were you scared? Tell me did you panic? Tell me were you alone? Tell me did you shit yourself? Zeg eens ben je weggevlogen? Zeg eens heb je gebeden? Zeg eens wie heb je achtergelaten? Zeg eens heb je je licht laten schijnen? Best verontrustend om bij leven al stil te staan bij deze vragen.

Jassentapijt en interactief gefluister

In het schip heeft Boltanski de vloer van grafzerken bedekt met een tapijt van zwarte jassen. De grafzerken hebben zowel een individueel als een collectief aspect. Met de jassen is het niet anders. De jassen zijn ‘readymades’, gedragen jassen, door buurtbewoners afgestaan voor dit kunstwerk. Elke jas vertoont sporen van gebruik door de eigenaar en draagt een eigen geschiedenis met zich mee. Samen verwijzen ze naar een collectief verleden. Misschien hebben ze, hangend om de schouders van hun eigenaar, wel langs elkaar gelopen in de buurt. De dramatiek van het ‘jassentapijt’ Les Manteaux wordt extra verhoogd door de verlichting van de kroonluchters die voor de gelegenheid net boven de vloer hangen.

Tegenover de ingang staat in de Sint Joriskapel een zwart blok dat geen tombe maar een biechtstoel is. Als je door de gordijnen naar binnen gaat wacht je echter geen biechtvader aan wie je je zonden kunt toevertrouwen. Binnen staat een lage lessenaar met daarachter een stoel. Boven de lessenaar hangt een lamp, erop staat een microfoon en ligt een boek. Niet zomaar een boek, maar het boek met de namen van mensen die in de Oude Kerk zijn begraven. Als je plaatsneemt op de stoel krijg je door een koptelefoon instructies over hoe die namen op te lezen: zachtjes fluisterend in de microfoon, want dan vervalt het timbre van de stemmen en klinken mannen- en vrouwenstemmen hetzelfde. Het tweede deel van deze interactieve geluidsinstallatie Disparus is te horen in het koor. Hier klinken die ingefluisterde namen tussen de koorbanken met de fameuze misericordiae.
In de biechtstoel ben je participant, tegelijk onderdeel en medemaker van de installatie. In het koor gaat jouw gefluister op in dat van de andere bezoekers.

Samen vormen die ingefluisterde namen een spannende omlijsting van Attente, dat bestaat uit vijftien stoelen over de rugleuning waarvan een jas hangt. Net alsof de mensen die er zitten, allen tegelijk even zijn opgestaan. Dat zou wel erg toevallig zijn, dus is ‘zaten’ wellicht beter op z’n plaats, en zijn die mensen voorgoed verdwenen en keren ze niet meer terug.

Rinkelend geluid en uitdovend licht

Behalve in Disparus speelt geluid ook een hoofdrol in de video Animitas Blanc die op de witte wand van de kooromgang wordt geprojecteerd. De film werd opgenomen opgenomen in het verlaten besneeuwde landschap van Quebec. In dit landschap had Boltanski 800 Japanse bellen gehangen aan ranke buigzame sprieten die heen en weer bewogen in de wind. In de Oude Kerk klinkt het zachte gerinkel van de bellen kwetsbaar en vormt het een teer contrast met robuuste blokken van Les Appareils. Het ‘animitas’ uit de titel verwijst naar de altaren die de oorspronkelijke bewoners van Amerika langs de weg opbouwden om hun doden te eren.

Een van de mensfiguren van Prendre la Parole vraagt of je je licht wel hebt laten schijnen. De laaghangende kroonluchters bepalen mede de sfeer van Les Manteaux. Maar in twee installaties speelt het licht een rol bij de duiding van het werk: Le Manteau en Crépuscule.

Op de plaats waar in de Rooms-Katholieke periode van de Oude Kerk (1308-1578) het altaar stond, heeft Boltanski een ‘kleed’ van bloemen over een tafel gespreid. Is Autel (1989/2017) een bloemenhulde voor de overledenen of voor de drager van de jas die aan het koorhek is gehangen. Door de gespreide mouwen krijgt de jas de vorm van een kruis. Rondom de jas volgen gloeilampen de contour, als een pijlvormige mandorla. De pijl wijst naar boven, naar de hemel. Zo lijkt Le Manteau (2000/2017) te refereren aan het kruis en de kruisdood van Christus.

Noot: Een mandorla is een amandelvormige aureool, waarin in de beeldende kunst Christus of Maria vaak worden afgebeeld.

In de voormalige doopkapel, waarvan in 1648 de grafrechten werden opgekocht door de toenmalige burgemeester Cornelis de Graeff, kunnen bezoekers tegenwoordig een kaars branden om iemand te herdenken. Hierop inspelend heeft Boltanski een lichtinstallatie op de vloer gerealiseerd. Crépuscule bestaat uit snoeren die in totaal 158 gloeilampen aaneenrijgen. Omdat de tentoonstelling 158 dagen duurt heeft hij voor dat aantal gekozen. Niet zomaar, want elke dag om 12.00 uur schakelt één lamp automatisch uit, zodat op de 158e dag, de dag dat Boltanski’s expositie verdwijnt, alle lampen gedoofd zijn.

NA, multimedia installatie

Als geheel is NA een multimedia installatie. Boltanski combineert ingrepen in de architectuur, sculptuur, film, geluid en licht om een tijdelijke site specific totaalervaring te realiseren. Als een echte ‘experience designer’ manipuleert hij de bezoekers. Nu eens door ze de pas af te snijden of te bevragen, dan weer door ze te laten participeren. Les Appareils komt als deelinstallatie dicht bij de ‘axiomatic structure’, maar blijft een installatie. Hel doolhof van tombes ontregelt de ruimtebeleving, maar haalt die niet onderuit. De bezoekers raken nergens de weg kwijt, letterlijk noch figuurlijk. Ze raken nergens zo verdwaald dat ze niet meer weten wat boven en onder, of voor en achter is. Eerlijk gezegd ben ik ook wel geschrokken van het ‘opvullen’ van die prachtige leegte waarom de Oude Kerk zo wordt geroemd. Tegelijkertijd heb ik veel waardering voor de respectvolle manier waarop Boltanski de functie van ‘de kerk als begraafplaats’ heeft benadrukt met de indrukwekkende deelinstallaties Les Manteaux, Disparus, Attente en Crépuscule.

Bronnen
Tentoonstellingskrant met plattegrond en het interview dat Jaqueline Grandjean had met Christian Boltanski
Jhim Lamoree – De lange schaduw van de dood (in Museumtijdschrift nr 8, 2017)