Sculptuurensceneringen bij SBK Amsterdam

Door Sya van 't Vlie


Onlangs ging ik langs bij twee vestigingen van mijn voormalige werkgever Stichting Beeldende Kunst (SBK) Amsterdam. Bij de vestiging KNSM toonde de Afrika Galerie sculpturen van de uit Burkina Faso afkomstige Boukaré Bonkoungou; bij de vestiging Noord was in Galerie 3 een kleine expositie ingericht met werk van Paul de Reus. Beide beeldhouwers maken ensceneringen met een hoog dramatisch gehalte. Daar houdt de vergelijking op. Of toch niet?

De emotionerende ensceneringen van Boukaré Bonkoungou

In de etalage van SBK KNSM kijkt een drietal figuren in Afrikaanse dracht naar buiten. Hun indringende blik vraagt voorbijgangers zich in hen te verdiepen. En daarvoor moeten die voorbijgangers naar binnen, waar her en der op kisten en sokkels meer van dezelfde figuren staan. Dan dringt het pas door dat het om bronzen torsen gaat, gekleed in ruwe Bogolan stoffen, zonder armen, maar met zeer markante koppen met ieder een eigen kapsel. Deze figuren behoren tot La foule (De menigte). Die naam doet vermoeden dat ze als een groep, als enscenering zijn bedoeld. Maar nu staan ze verspreid door de galerie opgesteld. Net alsof ze elkaar zijn kwijt geraakt. Dat zorgt ervoor dat de kijker hun houdingen (soms voorovergebogen, soms iets opzij gewend, soms het hoofd vragend of verbaasd gedraaid) interpreteert als zoekend. Het opvallends zijn hun holle ogen, die hun blik iets smekends geeft.

Boukaré Bonkoungou (1978) woont en werkt in Burkina Faso, een land met een rijke traditie in het brons gieten. De bronzen beeldjes zijn veelal gemaakt voor toeristen. Duidelijk niet Bonkoungou’s markt. De expositie telt ook een paar ‘complete’ ensceneringen. In Sinistre is direct een stoet vluchtelingen – deze keer ten voeten uit – herkenbaar. Met kapotte koffers en wild gebarend vervolgen ze hun weg naar een ongewisse toekomst. De wanhoop straalt eraf. Niet voor niets bezigt Rob Perrée in de tentoonstellingstekst het woord ‘emotionerend’, een kwalificatie die ik graag van hem overneem. Heel anders van sfeer is Transmission de savoir. Drie kinderen zitten rondom een boomstam, waaruit twee lange halzen met op het uiteinde een hoofd, als takken omhoog groeien. De hoofden kijken neer op de kinderen, uit hun halzen vallen twee koorden naar beneden, via welke de kennisoverdracht aan de kinderen zich voltrekt. De boom fungeert als de verblijfplaats van de ‘spirits’ van voorouders; de kennis van de voorouders geeft zo een nieuwe, niet-christelijke, betekenis aan de 'boom der kennis'.

Faux départs des diplomats lijkt een vrolijke bus met Afrikaanse dieren. Maar de titel geeft aan dat het om een bus met vluchtelingen gaat. Geen politieke vluchtelingen, maar diplomaten die hals over kop het land ontvluchten als de politieke situatie in Bonkoungou's vaderland uit de hand dreigt te lopen. Twee duo's laten zien dat Bonkoungou af en toe ook kiest voor minder beladen thema's vol humor. In de vensterbank nemen Les soumos, twee soemoworstelaars met dikke buiken, de vechtershouding aan. Ze staan klaar om elkaar te lijf te gaan. Op de vloer liggen Rhino en Wart hog . Ze zijn te geestig om echt dreigend te zijn, ondanks de spiedende ogen waarmee ze elkaar en de kijkers in de gaten houden. Of zit er toch meer achter en zijn ze op hun hoede voor jagers op bedreigde diersoorten?

De vervreemdende ensceneringen van Paul de Reus

Bij SBK Noord is het even zoeken naar Galerie 3. De kleine expositieruimte binnenkomend wacht de kijker een verrassend schouwspel van maxi en mini ensceneringen. Als eerste stuit je op een boom van een kerel, op de rug gezien, die een vrouw op zijn schouders draagt. Zijn hoofd is onder haar rok verdwenen. Maar echt pikant komt dat niet over. Eerder geestig. Maar hoe leuk is Beschutting nu eigenlijk? Van voren gezien zie je de vrouw hoog op de mans schouders zitten, ze strijkt haar hand door haar lange haren, hij houdt haar bij de benen vast. Nog steeds niet pikant, wel wonderlijk. Haar rok biedt inderdaad beschutting, maar belemmert tegelijk zijn zicht. Hoe veilig is dat?

In 2010 maakte ik kennis met het werk van Paul de Reus (1963) op de tentoonstelling ‘Vaders en Zonen’ bij Museum Beelden aan Zee. Zes beeldhouwers kozen voor een beeldhouwer van een jongere generatie, die op hun beurt weer kozen voor een beeldhouwer uit de daaropvolgende generatie. Paul de Reus was de ‘zoon’ van Henk Visch, die op zijn beurt de ‘zoon’ was van Piet Slegers. De keuze van Slegers vond ik eerder verrassend dan voor de hand liggend, maar bij nader inzien bespeurde ik een zekere vormverwantschap. Visch zou je daarentegen de vader van de ensceneringen kunnen noemen. Daarom was zijn keuze voor De Reus een logische. In de catalogus van 'Vaders en Zonen' treft me de volgende alinea over De Reus: ‘De mannen, vrouwen, kinderen en dieren van Paul de Reus hebben iets gekunstelds, als van poppen. Het zijn meer prototypen van een man, een vrouw, een kind, dan individuen. Allen maken ze iets mee of door dat wij niet onmiddellijk kunnen bevatten, maar wel herkennen, omdat alle fragmenten van het beeld/de beeldengroep, zoals op een schilderij van René Magritte, werkelijk schijnen, maar in de combinatie en vervorming los staan van onze eigen werkelijkheid.’ Dat gaat op voor Op Reis en de andere ensceneringen van De Reus op 'Vaders en Zonen'.

Maar dat gaat evenzeer op voor de ensceneringen op de SBK-tentoonstelling. Zo ligt de man in Hoofd op schoot niet met zijn hoofd op de schoot van de vrouw, maar staat hij onderste boven met zijn hoofd in haar schoot. Een onmogelijke stand, waarvan de onmogelijkheid wordt tegengesproken door de liefdevolle manier waarop de vrouw zich voorover buigt en zijn hoofd koestert.
De Reus wil geen verhaal vertellen, maar een ervaring voelbaar maken. Dat doet hij met vervreemdende ensceneringen van beelden in een groep. In The News laat een zittende jongen met een vogel op zijn hoofd een krant zien aan een groepje dieren om hem heen. De dieren reageren verschillend op het nieuws. Het schaap blijft opgerold doorslapen, het aapje is meer geïnteresseerd in de kijkers, het konijn duwt zijn neus in de krant om de foto beter te bekijken, en de kat spitst aandachtig zijn oren en kijkt de jongen verwachtingvol aan. Of loert hij op de vogel die op het hoofd van de jongen het nieuws becommentarieert?
Ook de beelden van één figuur zijn dankzij hun aankleding of attribuut een enscenering. Een voorbeeld is Spiegel, dat een meisje voorstelt dat zichzelf als haar eigen dubbelganger in de handspiegel ontdekt. Die verdubbeling laat De Reus letterlijk zien. Haar lichaam is net als het onze gespiegeld. De Reus' vondst is dat hij ook haar gezicht spiegelt, net als de spiegel in haar hand. Het meisje, gekleed in een fuchsiarood jurkje, doet haar moeder na. Want wat is er nu leuker dan jezelf op te tutten met je moeders oogschaduw en lippenstift? Later zal ze zich 'echt' opmaken en in de spiegel controleren hoe mooi en bekoorlijk die opmaak haar maakt.

Doordenkertjes

De typering die zich nu aan mij opdringt is ‘doordenkertjes’. Paul de Reus maakt doordenkertjes. En Boukaré Bonkoungo? Hoewel zijn engagement op ons gemoed werkt lijken zijn ensceneringen op het eerste gezicht te expliciet om doordenkertjes te zijn. Maar Faux départs des diplomats laat zien dat Bonkoungou ons wel degelijk uitnodigt verder te kijken dan onze neus lang is. Net als Choix du peuple. De titel van deze totempaal van hoofden geeft aan dat het beeld een verwijzing is naar de protesdemonstraties van 2014 tegen de pogingen van de president om door een grondwetswijziging als president te kunnen aanblijven. Mijn kennis van het Frans is ontoereikend om na te gaan of de keuze van het volk na afzetting van de president in 2015 uiteindelijk is gehonoreerd. In elk geval was het knap onrustig in Burkina Faso. Niet vreemd dus dat de diplomaten het land verlieten.
Eenzelfde 'samenpersing' van hoofden zien we bij Beschutting van Paul de Reus. Omdat het een mini enscenring is kijk je van boven op die hoofden die toebehoren aan een groep kinderen. Je hebt niet meteen door dat ze in een bodemloze ton staan. De ton perst ze samen tot groep, maar door het ontbreken van de bodem zijn de kinderen wel in staat te lopen, zij het tegelijk en dezelfde kant op. Een van de jongens heeft zich achterover laten vallen en is opgevangen door de groep. Het spel van de kinderen gaat over vertrouwen en samenwerken. Wat staat de kinderen te wachten als ze groter worden? De ton zal uit elkaar barsten waardoor de samenwerking in duigen zal vallen. Behalve als het vertrouwen blijft bestaan.

Het ligt voor de hand het verschil tussen de ensceneringen van Bonkoungou en De Reus toe te schrijven aan het verschil tussen niet-Westerse en Westerse kunst. Maar dat is me net iets te gemakkelijk. De doordenkertjes van Bonkoungou zijn emotionerend omdat hij reflecteert op de situatie in zijn vaderland, die van De Reus zijn vervreemdend omdat hij herkenbare personen en dieren laat figureren in een absurde setting. Het feit dat Bonkoungou doordenkertjes maakt tilt hem uit boven het predicaat niet-Westers.