Robert Smithson's 'site/nonsite' concept

De vastlegging van zijn land-art projecten op foto en film bracht Robert Smithson (1938-73) ertoe het concept ‘site/non-site’ te ontwikkelen. Smithson koos buiten een plek uit, meestal verafgelegen en verlaten delfplaatsen of afgravingen, of door industrie vervuilde afbraakgebieden in een stad. Hij fotografeerde die plek en nam enkele stalen van ter plekke aanwezige materialen mee terug om, begeleid van een precieze documentatie, behalve foto's ook teksten en plattegronden, te tonen in het museum of de galerie. Als index van de plek laat de documentatie de plek in zijn afwezigheid verschijnen. Ruimte, object en ervaring vallen niet langer in het moment van presentatie samen. De kijker kan het werk noch in de tentoonstellingsruimte, noch op de plaats van herkomst als een geheel aanschouwen. De ‘nonsite’ (als niet de plaats van herkomst van het materiaal waaraan het werk evenwel wel zijn specificiteit ontleent) is tegelijk ‘nonsight’ (want de kijker krijgt de fysieke ‘site’ op geen enkel moment te zien). De kijker realiseert zich het werk nooit volledig te kunnen waarnemen. Kijker, ruimte en object vallen nooit samen in één ervaringsmoment. Het werk verplaatst zichzelf voortdurend tussen de ‘site’ en de representatie daarvan, en laveert zo tusssen 'site' en museum/galerie, tussen buiten en binnen.

Bronnen

Ingrid Commandeur en Trudy van Riemsdijk Zandee (red): Robert Smithson, Art in Continual Movement